De cafetariaregeling voor extraterritoriale kosten (ET-kosten) wordt verlengd, maar verandert op een aantal punten per 1 januari 2026. LTO Nederland heeft hierover de afgelopen maanden overleg gevoerd met de Belastingdienst en het Ministerie van Financiën.
Wat houdt de cafetariaregeling in?
De cafetariaregeling maakt het voor werkgevers mogelijk om bepaalde extra kosten van internationale werknemers fiscaal uit te ruilen met brutoloon. Het gaat om kosten die werknemers maken doordat zij tijdelijk in Nederland werken, zoals huisvesting en reizen van en naar het land van herkomst.
Wat verandert er per 2026?
De regeling blijft bestaan tot en met 31 december 2027, maar enkele kosten vallen vanaf 2026 niet langer onder de gericht vrijgestelde ET-kosten.
Minimumloon (WML)
Het wettelijk minimumloon bedraagt per 1 januari 2026 € 14,71 per uur. Alleen het brutoloon boven dit minimumloon kan worden uitgeruild binnen de cafetariaregeling.
Wat kun je blijven uitruilen?
-
Extra kosten voor huisvesting
-
Reiskosten tussen Nederland en het land van herkomst
Wat kun je niet meer uitruilen?
Vanaf 1 januari 2026 is het niet langer mogelijk om de volgende kosten uit te ruilen binnen de ET- en cafetariaregeling:
-
Extra kosten voor levensonderhoud
-
Kosten voor gas, water en licht
Meer informatie
Via de Werkgeverslijn verschijnt een nieuwe brochure met uitleg over de regeling (2026–2027), inclusief rekenvoorbeelden
Lees de brochure
Niet actief in de agrarische sector?
Verzeker jouw arbeidsmigranten via