Vanaf 1 januari 2028 veranderen de regels voor flexibele arbeidscontracten. De nieuwe wet moet flexwerkers meer zekerheid geven over hun uren, inkomen en contract.
Voor agrarische werkgevers zijn dit de belangrijkste wijzigingen:
Langere tussenperiode
Na drie tijdelijke contracten moet een werknemer straks drie jaar uit dienst zijn voordat een nieuwe reeks tijdelijke contracten kan starten. Nu is dat meestal zes maanden.
Uitzondering voor seizoenswerk
Voor seizoensfuncties blijft binnen agrarische cao’s een kortere tussenperiode van drie maanden mogelijk. Hierdoor kunnen seizoensmedewerkers onder voorwaarden jaarlijks terugkeren.
Einde van het nulurencontract
Nulurencontracten worden vervangen door bandbreedtecontracten. Hierin spreek je een minimum- en maximumaantal uren af. Het maximum mag maximaal 30% hoger zijn dan het minimum.
Nieuwe regels voor uitzendkrachten
Vanaf 31 december 2026 krijgen uitzendkrachten recht op minimaal gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden als werknemers die rechtstreeks in dienst zijn.
Werk je met tijdelijke medewerkers, oproepkrachten of uitzendkrachten? Breng dan tijdig in kaart welke contracten en afspraken je voor 2028 moet aanpassen.
Niet actief in de agrarische sector?
Verzeker jouw arbeidsmigranten via